De Fender Jazzmaster | Weekly Highlight

De Fender Jazzmaster | Weekly Highlight

De perfecte vergissing die niemand gebruikt waar ie eigenlijk voor bedoeld was.

 

Het jaar: 1958. De Telecaster bestaat al en vindt dankzij die heerlijke ‘twang’ gretig aftrek bij country-muzikanten. De Stratocaster is net uit de luiers en daar zijn vooral blues-gitaristen dol op. Met deze twee modellen heeft Fender goud in handen en zo legt Leo de basis voor het imperium dat het merk tot op de dag van vandaag is.

 

Alleen… die pijprokende jazzcats moeten niets hebben van die dunne plankjes uit de Westkust. Zij houden het liever bij hun Gibson arch tops en hollow bodies. Dat zijn misschien niet de meest handige gitaren, maar die sound, mensen! Veel vetter dan een Strat. Veel ronder dan een Tele.

 

 

 

Voor Fender de hoogste tijd om daar iets op te verzinnen. Daarom lanceren ze tijdens de grote gitaarbeurs NAMM van 1958 iets nieuws: een handzame gitaar met twee dikke  ‘soapbar’ elementen en wat slimme knoppen en schakelaars voor een volle sound. Perfect voor jazzmuzikanten! Met de Latijnse uitdrukking nomen est omen in het achterhoofd, doopten de marketeers bij Fender het instrument: de Jazzmaster.

 

Het werd, zoals ze het in Engeland zo fraai zeggen, een ‘misnomer’. Geen mislukking, wel een vergissing. Want ondanks de naam én de sound moest de jazzscene er niets van hebben.

 

 

Gelukkig wisten de toen opkomende surfrockers wél raad met deze ‘Strat on steroids’. Die dikke witte soapbars lijken misschien op P90 elementen, maar dat zijn ze zeer zeker niet. Het zijn unieke Fender-elementen die niet ‘crunchy’, maar lekker ‘plunky’ klinken. En dat vibrato-pookje kwam helemaal goed van pas in een gitaarorkestje.

 

 

Luister maar eens naar Tim Conlon. Hij geeft hier een ultiem lesje surfrock op zijn Jazzmaster: Wipe Out van de Surfaris.

 

 

 

 

Hier waren vooral de Indorockers, zoals Andy Tielman, dol op de Jazzmaster en dankzij al die liefhebbers uit onverwachte hoek, werd het toch een bescheiden succes. Fender maakte snel van de nood een deugd en kwam met een iets meer op het lijf gesneden variant van de Jazzmaster: de Jaguar. Die heeft dezelfde body, maar een iets kortere hals, waardoor deze net wat makkelijker speelt en nog iets puntiger klinkt.

 

Een paar jaar later volgde de Mustang als een wat eenvoudigere en goedkopere studentenversie. Wat Rivella is voor frisdrank, is deze hele lijn van Jazzmasters, Mustangs en Jaguars voor gitaristen: een beetje vreemd maar wel lekker!

 

 

Luister bijvoorbeeld eens naar I want you van Elvis Costello. Begint akoestisch, maar na 51 seconden knalt een unieke sound door je speakers. Drie keer raden wat het is. Costello  ruilde ooit een Telecaster in voor een Jazzmaster is daar zijn hele carrière trouw aan gebleven. Hij heeft zelfs een signature model.

 

 

 

 

Buitenbeentje

 

Met de populariteit van de Jazzmaster en haar soortgenoten is het de afgelopen jaren een beetje op en neer gegaan. In de jaren ’80 werden ze zelfs even helemaal niet meer gemaakt. Maar op de rand van vergetelheid ontstaan soms de mooiste dingen. Eerst stofte Kurt Cobain een Jaguar af en gaf de wereld Grunge. Later namen Radiohead en Arcade Fire het Jazzmaster stokje over voor de Indierock. Eén vrouw met een Jazzmaster tilt de sound ervan nu naar een nieuw niveau: Madison Cunningham.

 

 

 

 

Zo blijft de Jazzmaster tot op de dag van vandaag een geliefd instrument voor de alternatieve scene. Zo’n gitaar die je koopt, omdat je Pa toch al een dure Stratocaster heeft waar ie zelden op speelt, maar waar jij nóóit aan mag zitten als je ook een keer herrie wil maken. Als je dan eindelijk je eigen gitaar gaat koopt, dan wil je wat anders en kies je lekker zo’n dwars model. Dat kan nu bijna iedereen, want Fender maakt ze inmiddels van een zeer betaalbare Squier tot en met de exclusieve Ultra series.

 

Ook andere bouwers zoals Rivolta geven nu een moderne draai aan de Jazzmaster. Stuk voor stuk fraaie buitenbeentjes waar je alle kanten mee op kunt: van doordringend clean tot gillend overstuurt, het klinkt allemaal geweldig! Tenminste: bijna allemaal…zo lang je maar geen jazz speelt.  

 

Reacties

Wees de eerste om te reageren...

Laat een reactie achter
* Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.
* Verplichte velden